Tips bij zelfbeschadiging

Marleen Bosboom deelt graag haar ervaringen en tips wat voor haar werkte én niet werkte in de periode dat zij zichzelf beschadigde. Marleen is activiteitenbegeleidster en zorgprofessional met ervaringsdeskundigheid.

Gepubliceerd: 11 december 2020

Mijn eerste keer snijden, ik weet het nu 25 jaar later nog steeds. Ik zat op mijn kamer, er was niemand thuis. Ik voelde mij eenzaam en bang van mezelf. Ik stroopte mijn mouw op, schoof mijn horloge opzij en maakte een snee. Wat ik daarna voelde was heerlijk, een gevoel van stilte en rust. Even kon ik adem halen. Daarna volgde de schaamte over wat ik mezelf had aan gedaan. Nadat het bloeden was gestopt deed ik mijn horloge er weer overheen en ging verder met de dag, maar nu met een geheim. Dat was het begin van mijn zelfbeschadiging, wat nog jaren zou duren en verschillende vormen zou aannemen.

 

Zelfbeschadiging kalmeerde, gaf weer lucht, maakte mij weer wakker,gaf houvast en op zijn tijd wat aandacht.




Waarom zelfbeschadigen?

Uit wanhoop, woede, verdriet,angst en geen andere mogelijkheid zien om met deze gevoelens om te gaan, het kan allemaal. Bij mij was het ook vaak het gevoel dat ik er niet echt was en door middel van het snijden, de pijn en het bloed, zag en voelde dat ik wel leefde en kwam ik weer wat bij. Ik verlangde naar contact, naar gezien en gehoord te worden. Om contact te kunnen maken op de momenten dat ik mij rot voelde, sneed ik mezelf en ging er dan mee naar een lerares van school. Ik wist waar zij woonde en heb menig keer bij haar voor de deur gestaan nadat ik mij had beschadigd. Ik voelde mij eenzaam en alleen, wilde dat ik mijn gevoelens daarin kon delen met iemand, maar dat lukte niet. Ik vond dat ik mij aanstelde. Met het beschadigen kon ik o.a. laten zien dat ik mij echt heel erg rot voelde zonder iets te hoeven zeggen. Dus ja, snijden kan ook om wat aandacht te krijgen, maar wees daar niet boos om en negeer het niet. Bedenk dat diegene geen andere mogelijkheden weet om hierom te vragen en ga daarmee aan het werk.

 

Wat werkte voor mij

 

Psychomotorische therapie
Tijdens mijn opnames volgde ik verschillende therapieën. Wat voor mij uiteindelijk goed werkte was psychomotorische therapie (PMT) en drama. Bij PMT werd ik uitgedaagd om in beweging te komen, letterlijk, waardoor ik merkte dat ik ook figuurlijk in beweging kwam. Dat ging natuurlijk niet van de één op de andere dag. Uiteindelijk is het kwartje na vele uren PMT gevallen en ging ik wat doen. De therapeut hield mij een spiegel voor die mij kwaad maakte. Steeds kreeg ik weer terug dat zitten op de bank met mijn haren voor mijn hoofd echt niet ging werken. Wat viel er uiteindelijk een last van mij af toen ik iets ging doen … eerst voorzichtig, maar later gooide ik al mijn boosheid en verdriet eruit tijdens volleybal en circuitjes. Bovendien kon ik mezelf daarin goed uitdagen wat maakte dat ik succeservaringen kreeg en trots kon zijn op mijn eigen lichaam. Ook nu nog is sporten belangrijk voor mij. Ik doe dit een paar keer in de week en als ik mij wat minder voel zorg ik dat ik vaker wandel en meer sport. Zelfbeschadiging roept een enorm gevoel van zelfhaat en teleurstelling op, dat het zo fijn is om te ervaren dat het ook mogelijk is om iets positiefs te doen met je lichaam, en daar trots op kunt zijn.

Dramatherapie
Dramatherapie werkte voor mij ook goed. Ook dit was natuurlijk doodeng in het begin, maar de aanhouder wint. Vanaf het moment dat het daar veilig voelde kon ik gaan experimenteren met ander gedrag, situaties in scène zetten en uitproberen maar. Ook dit heb ik later nog wel eens gebruikt, dan nam ik een paar toneellessen om mezelf uit te dagen, zekerder te voelen.

Serieus genomen worden & afleiding
Het werkte voor mij ook goed op de momenten dat het serieus genomen werd, er naar gevraagd werd hoe het ermee ging. Later kon ik bijvoorbeeld een bed op recept krijgen als ik wist dat ik mezelf anders ging beschadigen. Dat voelde goed, daarmee lag de verantwoordelijkheid bij mij en werd het serieus genoeg genomen om er een bed voor te kunnen krijgen. Afleiding om de beschadiging uit te stellen en soms werkte dat zo goed dat de drang helemaal verdween op dat moment. Ik maakte een plan voor mezelf door het steeds iets langer uit te stellen.

 

Wat niet werkte voor mij

 

Ondertekenen van een contract
Het ondertekenen van een contract ... Het moeten kiezen tussen een eetstoornis en zelfbeschadigen. Dit gaf mij het gevoel dat ze er geen vertrouwen in hadden dat ik kon herstellen.

Negeren, boos worden en wegsturen
Negeren en boos worden … Ik kwam wel eens op de Paaz wanneer ik mezelf had beschadigd, maar de psychiater werd alleen maar erg boos en stuurde mij vaak de volgende dag weer snel naar huis. Wegsturen hielp mij dus ook niet en ik ben wat weg gestuurd en afgewezen omdat ik mezelf beschadigde, door verschillende hulpverleners die het o.a. niet aandurfden of mij te ingewikkeld vonden.

Een ander die beslissingen nam voor mij
Dat een ander beslissingen voor mij nam. Ik vond het zo prettig toen ik naar een dagbehandeling ging waar vooral volwassenen zaten. Ik werd daar ook meer aangesproken op mijn eigen verantwoordelijkheid en dat voelde goed. Ik voelde mij daardoor minder afhankelijk en dat maakt mij sterker. Jarenlang was alles besloten voor mij en had ik andere geen keus dan hierin meegaan; anders zou ik namelijk de instelling moeten verlaten. Dat maakte mij toen erg onzeker en dat gevoel werkt nu nog door. Gelukkig ben ik mij nu bewust van waar die onzekerheid vandaan komt en kan ik er makkelijker mee omgaan.

 

Voor de omgeving

Respecteren dat het er is
Voor familie en naasten is het een heftige situatie waarin je samen zit. Wat ik zelf prettig vond was als het mijn familie lukte om de nadruk er niet op te leggen er niet steeds mee bezig te zijn. Dat voelde als een soort van respecteren dat het er is en ik het nodig had.

Vragen wat het is
In de loop van de jaren zijn mijn littekens minder zichtbaar en daardoor de reacties gelukkig ook wat minder. In het begin werd er vaak gevraagd of ik katten in huis had, werd er achter mijn rug om over gesproken, er werd naar gewezen of zonder schaamte naar gekeken. Allemaal vervelende ervaringen. Ik vond het prettig als mensen vroegen wat het was en hoe het kwam. Dan kon ik antwoorden zoals ik wilde, zonder dat zij van alles zouden invullen voor mij.

Hulpverlening
Ik hoor nog steeds dat hulpverleners het liever negeren en dat de wonden ook zelf verzorgd moeten worden. We praten er niet over, want als je het aandacht geeft wordt het alleen maar erger. Daarmee negeer je echter niet alleen het probleem, maar ook een stukje van de persoon zelf. En denk je niet dat als iemand zichzelf zo beschadigt, dat diegene juist aandacht nodig heeft? Aandacht geven hoeft niet te betekenen dat je het zelfbeschadigen aandacht geeft: geef het aan het gezonde deel van de persoon. Vraag naar de reden, het gevoel en vraag naar wat er die dag bijvoorbeeld wél goed ging. Ga samen op zoek naar de reden en de functie. Natuurlijk kun je aangeven dat je schrikt wat diegene gedaan heeft. Dat is ook een logische reactie: praat hier over en maak het bespreekbaar.

 

Wat ik graag wil meegeven …

Neem het serieus, praat over wat het doet met diegene, geef aandacht, focus niet op het stoppen ermee, maar op een leven opbouwen, positieve ervaringen opdoen, wees begripvol. Leer diegene hoe hij of zij kan omgaan met de gevoelens die spelen.

 

Wat ook kan helpen …

  • Successen vieren
  • Steeds iets langer uitstellen
  •  Motivatie om te stoppen
  • Zelfzorg
  • Afleiding
  • Fijne momenten creëren
  • Bespreekbaar maken
  •  Lotgenotencontact
  • Grenzen aangeven
  • Sociale omgeving
  • Jezelf positieve gedachten geven
  • Ontladen, inspannen en ontspannen
  • Doelen maken